donderdag 27 maart 2014

Verbonden deel 2, tevens diversighedenupdatepost (galgje!)

Blijkbaar ben ik niet de enige die het allemaal niet meer bij kan benen, want in de afgelopen twee weken was ik eerst internetloos, toen emailloos en daarna weer 4 dagen internetloos en telefoonloos. Mocht u een konspierrussie thie-oh-rieh hebben die verklaart waarom ik de afgelopen tijd deze sores heb gehad, dan mag u hem uiteraard in het reactievak mikken, dan tiep ik even verder aan een leutige lijst van Diversigheden terwijl ik meejengel met LL Cool J. *brult “Don’t call it a comeback!”*

Allereerst de zelfpromotie: ook dit jaar maakte ik weer een sketchbook in het kader van The Sketchbook Project en ook dit jaar liet ik het weer inscannen en toevoegen aan de online bibliotheek. U kunt mijn boek hier bekijken. Werk van anderen (zeer de moeite waard!) kunt u via deze pagina checken;

Vorige week kwam ik erachter dat ik me nu al jaren voor Jan Pieps door kilometers floss per jaar heen floss: flossen is uit. Rageren, ja, met zo’n mini-flessenpoetser, is wat je blijkbaar moet doen tegenwoordig. Het “Konspierrussie thie-o-rieh! Kill keppittulissum! Ennurkie!”-deel van mij gelooft dat die hele tandenbiz dit puur doet omdat floss tegenwoordig geen derrière meer kost bij de Action en die ragdingen nog wel. Het “Ik Hecht Obsessief Aan Mijn Tanden”-deel is al druk met de krijsend dure ragertjes in de weer;

De plogging “hype” is wel een van de leukste dingen die in tijden in de blogosphere (bwahahaha. Sorry) plaatsgevonden heeft. Ik mompel al weken “Keep on plogging in the free world” van Neil Young en volg de avonturen van onder anderen EstherDo op de voet. Ik overwoog zelfs om ook eens een plogdag te houden, maar ik realiseerde me al snel dat ik daar volkomen ongeschikt voor ben: ik vond het al moeilijk om slechts EEN foto per dag te schieten posten tijdens mijn Project 365, en dat was nog in een periode in mijn leven dat ik echt ABSURD veel meemaakte. Ik houd het wel bij af-en-toe-een-poezenfoto, dat lijkt me voor alle partijen het beste;

In de categorie “Random”: ik liep op straat (dat is soms onvermijdelijk) en zag daar een jongeman die echt niet ouder dan 25 kon zijn die PRECIES op DJ Sven leek, inclusief snor en de hele outfit uit die tijd. Ik dacht even met een verkleedfeestje te maken te hebben, maar toen zijn mattie aangefietst kwam realiseerde ik me dat het slechts om hipsters ging. Nee, ik heb zelf ook geen idee wat u met deze mededeling aan moet, sorry;

Ook was ik een aantal weken geleden naar Fall Out Boy. Ik was van tevoren zeer benieuwd wie daar tegenwoordig naar toe zouden gaan, want de vorige twee keer, nu alweer zes en acht jaar geleden, waren de daar aanwezige teenies de leukste mensen EVER. Met een andere, niet nader te noemen band *coughdEUScough* heb ik het namelijk meegemaakt dat het publiek uit de beginjaren op een gegeven moment verdrongen werd door een slag mensen dat eh, tja. Wat mijn persoonlijke concertbeleving nogal verziekte. Ik kon echter opgelucht ademhalen: het hele publiek bestond uit Teenies Grown Up. En ook Patrick Stump is nog steeds < 3!

Muzikaal zit ik sowieso wat in een throwback. Om de chill er een beetje in te houden, houd ik tegenwoordig kleurboeksessies (kleurboek van Tiger, nieuwe potloden van Lamy) terwijl ik naar Falco (Best Ever) en, jawel, Oasis luister. Ik ben nooit Oasis-fan geweest, het was meer een band die in een bepaalde periode alom aanwezig was, net als Nirvana een paar jaar daarvoor. En ik blijk inderdaad Wonderwall nog woord voor woord mee te kunnen jengelen. *jengelt “Maybeeeeeeeeee, you’re gonna be the one that sjaaaaaaaves meeeeee!”*

Over zingen gesproken: Clark vindt toegezongen worden bijzonder leutig en ik ben de beroerdste niet, dus croon ik me met enige regelmaat door “One eyed cat” van Van Morrisson én het door mij speciaal voor hem (= Clark, niet Van) gecomponeerde “You’re a cat that snuggles (la lala lala snuggles)” heen. Wat overigens een samba is, in het kader van samba pa ti. Want Clark begrijpt natuurlijk, zoals elke kat, Español. Mocht u nu denken "Ok, nu snap ik er werkelijk geen pieps meer van?!": samba pa ti betekent samba voor jou, als in "voor jou gecomponeerd".

En omdat ik werkelijk geen idee heb hoe ik aan deze post een fatsoenlijk einde kan breien, een foto van de lamp in dat café in de Spuistraat. Dat ene, met die muurschilderingen. Ja, dat café dus.




donderdag 13 maart 2014

Verbonden!

En omdat ik zo blij ben dat ik weer uitgebreid uren kan verlummelen op het internet vanuit huis de dingen kan doen die ik wil doen, een leutige foto die ik vanmiddag schoot van wat Natuur:


woensdag 12 maart 2014

Geen internet

In de blauwe maandag dat ik in Portugal woonde, gebeurde het nogal eens dat de stroom uitviel. Nadat je je verzekerd had van het feit dat het “geral” was, zat er niets anders op dan je er maar bij neer te leggen en te hopen dat de stroom snel weer aangesloten werd.

En daar zat ik dan. Het was winter en koud en het hoosde, dus gezellig buiten rondwandelen was weinig aantrekkelijk. Dan maar tv kijken. Oh nee, dat kan niet. Ik verplaatste mijn zooi naar mijn kamer waar ik een cdtje in mijn boombox mikte, die uiteraard niets deed. Een halve seconde lang leek keyboard oefenen zowaar aantrekkelijk, maar ik realiseerde me al snel dat ook die stroom nodig had. Zelfs een boek lezen was nauwelijks een optie: vernikkelend in een half-schemerige kamer bij flakkerend kaarslicht proberen letters te ontcijferen is alleen leuk in Hollywood romcoms. Dan maar vroeg naar bed en de volgende ochtend hoopvol de schakelaar omzetten. Nope. Herhaal dit drie dagen achter elkaar. Ja, het waren barre tijden.

Afgelopen zondag ergens pleurde mijn internetverbinding eruit. Dat gebeurt wel vaker en duurt nooit lang, dus ik maakte me er niet te druk over. Ik had vorige week zowaar een opzetje geschreven voor een blogpost waarin ik me afvroeg hoe mensen het toch allemaal volhouden, én werken/studeren, én 30 borrels aflopen én daarover continu in real time verslag doen op diverse soosjul miediejaah én continu met elkaar in contact staan. En dat ik merk dat ik, zeker in verhouding, nauwelijks nog online verkeer en zelfs dát allemaal niet meer bij kan benen. En inderdaad, de eerste dag voelde het best prettig. De vrijwel continue knaag dat ik iets vergat, wist ik te onderdrukken door “Straks heb ik weer verbinding” te denken.

Het was een oase van rust: ik las een boek en een aantal artikelen, ik maakte mijn keuken uitgebreid schoon, ploegde me ononderbroken door Henry-de-zoveelste heen en plakrollerde eindelijk mijn Berkeley hoodie, die pas een week of 6 op ontvachting lag te wachten. Even schoot de gedachte dat ik best zonder internet kon door mijn hoofd…

Met z’n allen:

Domdomdomdomdom.

Ondertussen zijn we drie dagen verder. Ik heb nog steeds geen verbinding (ik post dit vanaf een openbare computer op de universiteit), het is onduidelijk wanneer ik weer verbonden word en begint het me allemaal flink de strot uit te hangen: ik kan thuis niet bij mijn mail, niet in de bibliotheekdatabase, niet bij wikipedia, niet bij het online woordenboek, niet bij Blackboard, niet bij mijn agenda, niet bij mijn Teuxdeux, ik kan thuis eigenlijk helemaal nâks. En het aller-, allerergste vind ik nog wel dat ik mijn frustratie hierover niet eens lekker weg kan pinnen. *roept luid: “IK WIL MIJN INTERNET TERUG!!!”*

zondag 2 maart 2014

De win-win situatie (Clark updatepost)

Vandaag is het precies een jaar geleden dat Clark bij mij kwam wonen en dat leek me een goede gelegenheid om een Clark-updatepost te schrijven. Waar ik toen nog mild-voorzichtig schreef dat het er wel op leek dat Clark’s inwoning een win-win was, daar kan ik nu met keiharde stelligheid zeggen dat het JA, ABSOLUUT een win-win situatie is.

Qua karakter zijn wij een uitstekende match: waar ik wat neurotisch, labiel en neogotisch ben, is hij het toppunt van chillaxedheid. Hij heeft ook een grenzeloos vertrouwen in, eh, alles en is uiterst, uiterst lief. Ook het feit dat hij wat dovig is, is gezien het feit dat ik met enige regelmaat mijn halve keuken uit mijn handen laat donderen, best handig. Clark is over het algemeen nergens van onder de indruk.

Daarnaast is hij ondanks zijn wat strenge uiterlijk en zijn superheldennaam de knuffeligste knuffelkat die ooit geknuffeld heeft. Als in: hij mauwt om opgepakt te worden en knuffelt dan actief door half in je te klimmen, kopjes recht in je gezicht te geven en je zelfs met zijn poot te aaien(!). Van het hele concept “kat zijn” snapt hij daarentegen de ballen: je kunt een vrachtwagenlading balletjes door de woonkamer gooien of een half uur met een touwtje boven zijn gezicht hengelen, hij zal je slechts niet-begrijpend aankijken. Waarna hij bovenop je springt en met dubbele intensiteit aan het knuffelen slaat. De naam Truffelie Knuffelie had wat dat betreft beter bij hem gepast, hoewel het maximale vertruttingslevel daardoor dan wel hardcore bereikt en overschreden zou worden. Dus hij blijft gewoon Clark.

Het herstel van zijn oogverwijdering is heel voorspoedig verlopen, zijn snoet heeft weer zijn vertrouwde vorm en de gehechte plek is geheel genezen. Overigens heb ik de eerste 10 dagen van zijn herstel elke dag een (min of meer) rechte snoetfoto gemaakt, mocht u hier terechtgekomen zijn via de zoekterm “oogverwijdering kat” omdat uw kat binnenkort ook piratificatie ondergaat én u wil graag in detail weten hoe dat er allemaal uitziet, mail me dan op LogPoes@gmail.com en ik stuur u een fotocollage. De foto’s zijn niet bloederig, maar u ziet natuurlijk wel zwelling en hechtingen, vandaar dat ik ze hier niet geplaatst heb.

Zoals beloofd hier een foto van hoe hij er nu uitziet:


Yup, nog steeds knap. *knuffelt Clark*

zondag 23 februari 2014

Pinterest: social media voor misantropen

Soms heb ik van die dagen dat ik iedereen voor z’n Habermas wil rammen omdat ik me al dagen door Richard III heen probeer te worstelen en maar niet kan onthouden wie nu wie is en vooral waarom. Ik zal in mijn leven wel te weinig soaps gekeken hebben, maar aan de andere kant had Shakespeare ook wel het fatsoen kunnen hebben om niet alle karakters stug Edward, Edmund en Henry te blijven noemen. *roept luid: “Bijnamen! Niet voor niets uitgevonden!”*

Op dit soort dagen (ja, vandaag) ben ik ZO blij dat Pinterest bestaat. Dankzij een invite van Kouw kreeg ik al tijdens de beta versie toegang, en wat een life saver is die site gebleken in de afgelopen 4 jaar. Voor wie nu denkt “Pinterest?! Maar dat gáát toch helemaal nergens over?!”: precies! Het is volkomen nutteloos, voegt niets toe aan de wereld behalve wat plaatjes. En dat vind ik nou juist geweldig.

Ik hoef niet na te denken wat ik van het aangebodene vind, ik hoef er geen gefundeerde mening over te formuleren en er een essay over te schrijven met MLA bronvermelding, ik hoef niet na te denken of het wel ~activisty~ genoeg is en of het wel past bij mijn persoonlijke brent (whaahahahaha! Sorry.). Ik zie iets, ik denk “Leuk!”, ik ram op “Pin it”, selecteer een door mij verzonnen categorie en klaar. De wereld is weer overzichtelijk en georganiseerd. Heerlijk.

Pinterest is voor mij dan ook de ideale vervanging van het goede oude Patience. Waarvan, met statistieken als “meeste partijen achter elkaar gewonnen: 3”, “meeste partijen achter elkaar verloren: 46”, “winpercentage 9%”, we wel kunnen stellen dat ik er, ondanks mijn bewonderenswaardige doorzettingsvermogen, echt dramatisch slecht in ben. En in pinnen KUN je gewoon niet slecht zijn! Onmogelijk! Dat is, zeker in tijden dat mijn leven voelt als een oneindige losing streak, ontzettend bemoedigend.

Soms zie ik zowaar dingen die ik daadwerkelijk een goed (diy) idee vind. Ook het vinden van recepten en gratis fonts is nog nooit zo makkelijk geweest. Het is als online winkelen zonder af te rekenen, met als verschil dat je op elk moment naar het overzicht van je plaatjes kunt kijken, mocht je dat willen. Ik hoef niet eens (zoals bij Tumblr) in mijn geheugen te graven of ik iets al eerder ge(re)pind heb, want zelfs dat houden ze bij.

Daarnaast wordt er, hoewel het wel mogelijk is, geen enkele interactie van me verwacht. In tegenstelling tot bij blogs hoef ik me niet druk te maken over het achterlaten van een intelligent en/of leutig comment (het liefst beide natuurlijk). Ik hoef niet te liken, hoef geen commitment aan te gaan, geen babbeltje te maken. Ik filter netjes alle thinspo fitspo, patriachale trouwongein en Mormoons levensgeluk uit, lees om de flauwe, rolbevestigende man/vrouw “humor” en kalenderwijsheden inspirational quotes heen en (re)creëer een wereld waarin alles rozepaars, meestal glitterig, getattoëerd, vol prachtige natuur, zonnig, avocadovol, katrijk en couture is, met een randje diy-op-de-boerderij. Op schoenen van Dolce & Gabanna natuurlijk. *pint*

vrijdag 7 februari 2014

Tigerino

Afgelopen zomer, toen ik me in Berkeley bevond, kreeg ik een reclamemailtje van de toko waar ik Clark’s eten bestel. Er stond een aanbieding in voor zakken Tigerino kattenbakvulling. Ik lag op de vloer van het lachen.

Tigerino.
TIGERINO.
TIGERINO.

Ja, een LogPoeshand is snel gevuld. Omdat lol in je eentje hilarisch is, maar het feit dat een ander het totáál niet grappig vindt, het NOG hilarischer maakt, mailde ik het naar TBK. Dat kon niet fout gaan, want bij haar vind ik als zij het wél grappig vind, het NOG veel grappiger dan als ze het níet grappig vindt. Snapt u hem nog? Ik nog nauwelijks namelijk.

Ik en mijn post-absurdistische gevoel voor humor werden op onze wenken bediend: TBK vond hem ook erg grappig. Toen kwam mijn huisgenote B langs om te vragen of ik mee ging eten. Ik riep “Uiteraard! Vanavond aardappels uit de oven!”, noteerde op mijn Teuxdeux “thuis Tigerino (bwahaha!) bestellen” en we togen naar de eetzaal. Ja, coolstorybro, ik weet het.

Eenmaal weer in Amsterdam bestelde ik een batch kattenvoer en, jawel, Tigerino. De crystals en dan zonder bloemetjes- of lavendelgeur, want Clark is noch een baby, noch de Deodorantkat. Niet dat ik er veel van verwachtte overigens. Maar eh, mensen? Dit spul. Is. Geniaal. Echt waar.

Clark vond het de eerste keer een beetje eng, maar bij het tweede bakgebruik was het alsof hij nooit andere vulling gehad had. Het spul stuift niet en ruikt nergens naar. De korrels absorberen plas volledig en poep wordt uitgedroogd, wat resulteert in nul komma nul stank en makkelijke scoopbaarheid. Ja, van alleen de poep en niet ook nog eens de helft van de korrels, zoals bij een of ander klontvormend spul dat Rood en Les-Mioux indertijd welgeteld 2 dagen gebruikt hebben. En het beste: 1 kat doet 2+ weken met 1 zak Tigerino. Ik geloofde er ook geen zak van, maar het is echt zo. Zoals ik al zei: geweldig spul met een hilarische naam. Tigerino. Briljant.


Poes Es: nee, deze post is niet gesponsord. Ook niet stiekem.

woensdag 29 januari 2014

Dag Poelekie! *zwaait*

De oplettende lezer zal het al wel gemerkt hebben: behalve dat ik tegenwoordig een leutige foto van mezelf als avatar heb in plaats van een plaatje van Muta uit The Cat Returns, heet ik ook overal LogPoes en niet meer Poelekie de Vries.

Deze beslissing komt niet uit de lucht vallen, hij was al een jaar of 3 in the making. Het was namelijk nogal een stap: ik noemde mezelf al sinds 2000 zo (hoe ik eraan gekomen ben kunt u hier lezen) en was er behoorlijk aan gehecht.

Toch was het tijd om afscheid te nemen van het pseudoniem Poelekie de Vries. Want hoewel er niets mis is met de naam Poelekie, en er al helemaal niets mis is met de naam De Vries, komt er ook aan de houdbaarheid van een running gag een einde.

Daarnaast ben ik ondertussen 38 jaar oud. Ik ben de naam ontgroeid, net zoals ik de multicolor springveer-vlinderknipjes en de kinderhandtasjes met poezenplaatjes en glitter van de H&M die ik op mijn 24e (volgens anderen semi-ironisch) droeg, ontgroeid ben. Niet dat ik niet nog steeds de neiging heb om ze te kopen overigens, want wat mij betreft droeg ik ze bloedserieus, maar er is een fijne lijn tussen “excentriek” en “volslagen belachelijk”, en op je 38e met kinderspulletjes rondlopen overschrijdt die lijn hardcore. Helaas.

Of het niet raar is om geen “echte” naam te hebben, maar door het leven te gaan met een functie/titel (ik was Poelekie de Vries, DE LogPoes tenslotte) als naam? Ach, ik ben het gewend: mijn “echte”, IRL-naam is ook meer een functieomschrijving/titel dan een “echte” naam, tenslotte.

Overigens val ik niet van ellende van mijn stok als u mij per ongeluk Poelekie (de Vries) noemt, en ga ik ook niet mijn LogPoes-archief, laat staan al mijn andere uitingen op het internet aanpassen, want dan krijg ik mijn Levenswerk (ja, ik heb een lijst) nooit af natuurlijk. *gaat weer aan de slag*

Blog Design by Get Polished